logo

BIRDY.BUSINESS


Wereldverbeteraars

“De wereld staat in brand. Het lijkt wel alsof de apocalyptische ruiters op ons zijn neergedaald.” Met deze opbeurende woorden begon presidente Drew Faust van Harvard haar toespraak voor de dit jaar afgestudeerden. Het was de week van de diploma-uitreikingen, Commencement, zoals ze dat hier noemen. Zowel bij Harvard als bij MIT is er maar één centrale jaarlijkse uitreiking voor alle studenten aan het einde van het academische jaar. Op wat speciale zomerprogramma’s na gaan de universiteiten daarna met zomerstop. Zelfs de universitaire huisvesting gaat dicht en de studenten moeten tot september de dorms verlaten.

De Commencement is een speciaal moment, inclusief feestelijke toga’s en in de lucht gegooide afstudeer­baretjes. Elk jaar worden beroemde gasten uitgenodigd om de kersverse alumni toe te spreken. Dit jaar kwamen de wijze woorden uit Hollywood. Een aantal weken nadat MIT Matt Damon als spreker had bevestigd, toverde Harvard Steven Spielberg uit de trukendoos. Ik vroeg me in eerste instantie af waarom twee instituten met zoveel kennis en kunde te rade gaan bij filmgrootheden van wie de een zijn Harvardstudie nooit heeft afgemaakt en de andere pas redelijk recent een bul heeft gehaald.

Hun speeches bleken echter meer dan alleen maar publiciteitsstunts. Vol zelfspot putten beide uit hun filmcarrières en filantropische inspanningen om de nieuwe generatie iets mee te geven. Spielberg vergeleek het leven met een film, waarin een held alleen kan opstaan als er ook een slechterik is. ‘Gelukkig’ valt er juist vandaag nog genoeg te bestrijden, was hij het met Faust eens. En ook Damon hoopte dat de MIT’ers hun ogen niet gingen sluiten voor de prangende vraagstukken van deze tijd, zij het nou oorlog, armoede of racisme, maar ze met beide handen aan zouden pakken.

Wie voelt zich nou niet moreel verplicht als een Oscarwinnaar je oproept om de wereld te redden? Je zou het er benauwd van kunnen krijgen van zo veel druk, maar het is maar net hoe je het bekijkt. Hier zien ze het niet zozeer als een verplichting, maar als een kans, een eer om tot die kleine uitverkoren elite te behoren die nu het verschil kan maken. “How lucky you are!” knoopte Damon de studenten in hun oren. Ze worden immers niets minder dan de aan­stormende wereldleiders, zoals de presidenten van beide instituten vanzelfsprekend stelden.

En het morele appel werkt. Hoewel niet elke student die dankzij papa’s vermogen op MIT is beland, het eens zal zijn met Damons snoeiharde aanklacht tegen de bankiers die hij voor dieven uitmaakte, hebben velen tijdens hun studie aan een van de topinstituten iets meegekregen van deze hogere roeping. Gevraagd naar hun toekomstplannen geeft menigeen aan de wereld vooruit te willen helpen, zij het op medisch, technisch of bestuurlijk gebied. Zelfs de studenten die eigenlijk gewoon het grote geld willen verdienen, weten dat ze dan toch tenminste een deel daarvan aan een goed doel zouden moeten geven.

Vaak vind ik al die rituelen en borstklopperij hier nogal overdreven, maar iets meer samen­horig­heidsgevoel zou op Nederlandse universiteiten geen kwaad kunnen en wat is er mis met een maat­schappelijke opdracht die je meekrijgt? Ik zie onze eigen Poppema ons nog niet zo bevlogen toespreken. Alhoewel, misschien zou het een prikkel zijn als het bestuur wist hoeveel geld er jaarlijks aan alumni-giften binnen te halen valt. Een keer Harvard, altijd Harvard. Of zoals president Reif van MIT het verwoordde: “Vandaag studeren jullie af aan MIT en daarmee zijn jullie voor eeuwig verbonden aan MIT”. Daarvoor trekken de alumni graag de portemonnee open. Filantropie is immers een deugd die grootsten ter wereld betaamt, dat wordt je hier, niet geheel onbaatzuchtig, vanaf het begin geleerd.


Leave a Reply